Dwangstoornis

Iedereen heeft wel bepaalde routines die hij of zij zonder enige duidelijk reden aanhoudt, gewoon omdat het prettiger voelt. Een voorbeeld hiervan kan zijn wanneer iemand bij het dekken van de tafel het bestek altijd als laatste zet. Hij of zij zou even goed de glazen als laatste kunnen zetten, er is geen logische reden waarom het bestek op het einde moet komen. Maar het voelt comfortabel dus wordt de routine in stand gehouden. In dit voorbeeld echter is het geen ramp indien de routine doorbroken zou worden. Er komt geen angst bij kijken en er is geen sprake van een dwangmatige handeling. Bij een dwangstoornis of obsessieve compulsieve stoornis is dit wel het geval. Ook hier is vaak sprake van een routine die eigenlijk geen duidelijk doel heeft, maar ze wordt niet gewoon gevolgd, ze moet worden gevolgd omdat de persoon met de dwangstoornis anders met heel wat angsten en stress te maken krijgt. Een dwangstoornis kan in lichte mate voorkomen, maar ook in heel zware mate waar iemand zichzelf zoveel dwangmatige handelingen oplegt dat ze amper nog te combineren zijn met een normaal leven.

De dwangmatige gedachte

Een eerste vorm van een dwangstoornis zijn dwangmatige gedachten. Deze vorm kan bestaan, los van dwangmatige handelingen, het omgekeerde is nooit het geval. Bij dwangmatige gedachten zullen de gedachten aan iets hardnekkig aanwezig blijven en als ongewenst beschouwd. Dwangmatige gedachten zijn vaak irreëel, zinloos, absurd of niet gepast. Het zijn geen waanbeelden, maar ze dienen geen echt doel. Een mooi voorbeeld hiervan is smetvrees. Een persoon die smetvrees heeft, ziet in alles de kans om besmet te worden met een bacterie. Die gedachte is gedurig aanwezig en bijgevolg wordt er ook naar gehandeld. Zo zal iemand met smetvrees zo veel mogelijk vermijden om dingen aan te raken. Na elke aanraking zal hij zijn handen wassen en veel patiënten lopen continu met zeep en doekjes in hun achterzak. De vrees is absurd, want de kans om nooit in contact te komen met een bacterie is onbestaande en daarnaast kan het gewoon geen kwaad om dat wel te doen. Voor iemand met smetvrees echter is ze heel echt en beangstigend.

De dwangmatige handeling

Een stapje verder gaat de dwangmatige handeling. Hierbij wordt niet enkel een gedachte hardnekkig herhaald, maar een handeling of reeks van handelingen op een obsessieve manier. Een voorbeeld van een dwangmatige handeling zijn mensen die alles moeten tellen. Op zich lijkt dat misschien onschuldig genoeg, maar in praktijk is het catastrofaal. Zij tellen auto’s op de baan, brievenbussen die ze voorbij lopen, mensen, huizen, stenen in een gebouw, glazen in de kast, … Hun leven wordt door de dwangmatige handeling beheerst en bovendien is het gevaarlijk vermits ze minder alert zijn voor hun omgeving.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *