Paniekstoornis

Een paniekstoornis is een vorm van angst die gekenmerkt wordt door angstaanvallen. Deze angstaanvallen zijn niet gericht op één bepaalde gebeurtenis of object, maar kunnen in diverse omstandigheden voorkomen. Bij een paniekaanval zal de persoon die de aanval krijgt door een plotse trigger in paniek schieten. Dit uit zich door zweetaanvallen, trillen, beven, verstijven van angst, hoofdpijn, apathie en dergelijke meer. Paniekaanvallen worden nogal eens verward met hyperventilatie of een specifieke fobie, maar staan hier los van. Bij een specifieke fobie is het onderwerp van de angst vaststaand en niet variabel zoals bij paniekaanvallen. Bij hyperventilatie is er sprake van kortademigheid, maar niet per definitie van een paniekreactie. Zeker naar de behandeling toe is het belangrijk dat er een duidelijk verschil is tussen de verschillende aandoeningen.

Wanneer is er sprake van een paniekstoornis?

Het is natuurlijk niet zo dat iedereen die ooit panikeerde automatisch een paniekstoornis heeft. Om van een stoornis te kunnen spreken dienen de symptomen gedurende meer dan 6 maanden op te treden met een bepaalde frequentie. Bovendien dient de paniekaanval voort te komen uit een irreële angst en mag er geen grond zijn die realistisch is. Een paniekaanval omdat iemand met een revolver tegen je hoofd staat, is een natuurlijke reactie en is zeker geen stoornis. Echter volledig panikeren omdat je vijf minuten later zal zijn dan voorzien was, is dat wel. Wie een paniekstoornis heeft, is zich bewust van de extreme vormen van zijn angst in verhouding tot de aanzet. Helaas verandert dit echter niets aan de reactie die optreedt.

Behandelen van een paniekstoornis

Gezien bij een paniekstoornis de aanvallen ad random optreden, is het niet eenvoudig om deze aandoening te behandelen. Vaak is het zeer moeilijk om te bepalen wat de aanval heeft veroorzaakt gezien de aanzet van keer per keer zal verschillen. Paniekstoornissen kunnen enkel behandeld worden wanneer de patiënt bereid is om gedurende een langere tijd zijn ziektepatroon in kaart te brengen. Pas dan kan nagegaan worden of er een patroon terug te vinden is in het opkomen van de paniekaanvallen, de gradatie en hun frequentie. Medicatie kan helpen om de aanval te verlichten op het ogenblik dat ze zich voordoet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *